​Laat corporaties zelf betalen voor de garantie op hun borgingsstelsel. Dat is de oplossing voor de grootste plagen van het huidige corporatiestelsel. ‘En het is ook nog vele malen eenvoudiger dan de ingewikkelde regels uit de novelle bij de Herziene Woningwet’ zegt Marc Eggermont, algemeen directeur van corporatie Woonbedrijf uit Eindhoven.

Tekst: Marjon van Weersch


Wat is de kern van het plan?

'We vervangen de verhuurdersheffing door een marktconforme premie die de corporaties gezamenlijk aan het Rijk betalen. Die premie is de vergoeding voor de overheidsgarantie als sluitstuk, de achtervang, voor de borging van leningen door het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW). In ons plan betalen de corporaties dus voor die staatsgarantie en dat betekent dat er geen sprake meer is van staatssteun.'

 

Welke voordelen levert dit op?

'Het is een oplossing voor drie grote plagen in het corporatiestelsel. Zo komt er een einde aan de ingewikkelde staatssteundiscussie. Daarmee verdwijnt het onderscheid tussen daeb en niet-daebactiviteiten en hoeven we ons ook niet meer druk te maken over een administratieve of juridische scheiding daarvan.

 

Daarnaast is de verhuurdersheffing van tafel. In ruil daarvoor betalen we wel een premie voor de staatsgarantie. Een belangrijk verschil is dat die premie echt een waarde vertegenwoordigt voor de corporatie. Betalen voor de beschikbaarheid van kapitaal is logischer dan belast worden met een heffing die niks met wonen van doen heeft.

 

Tot slot kunnen ongelukken die in de verhoren van de parlementaire enquête allemaal weer voorbij kwamen, voorkomen worden door de disciplinering van deze financiering. Zoals ook het Aedesrapport Toezicht met bite voorstelt, krijgt het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) in ons plan een centrale positie. Het fonds betaalt de risicopremie aan het Rijk voor alle staatsgegarandeerde leningen met WSW-borging. En daarna belast het WSW deze premie door aan alle corporaties op basis van onder meer hun individuele risicoprofiel. Een corporatie die haar zaakjes minder op orde heeft, maakt dus minder aanspraak op de geborgde financiering.'

 

Zitten er ook nadelen aan dit plan?

‘Door de heffing te vervangen door een premie blijven corporaties betalen voor iets wat ze vroeger gratis kregen. Dat blijft een nadeel. En een corporatie die financiële problemen heeft zonder daar zelf iets aan te kunnen doen, bijvoorbeeld in een krimpregio, krijgt minder investeringsruimte. Ook dat zullen sommige corporatiebestuurders als een nadeel ervaren.

 

Maar dit systeem betekent vooral dat we erkennen dat een sector waarin bijna vierhonderd bedrijven voor elkaar borg staan, in wezen één onderneming is. En dat de autonomie voor een individuele corporatie en corporatiebestuurder beperkt is, borgingsruimte is geen blanco cheque meer. Dat zullen sommige collega’s misschien ook een nadeel vinden. Ik zie ook dit echter als een voordeel.’

 

Wat betekent dit voor het werkdomein van corporaties?

'Dat blijft beperkt tot het wonen. De onderlinge borging met staatsgarantie is alleen beschikbaar voor de verhuur van woningen in het gereguleerde deel van de woningmarkt. Alle overige activiteiten - zoals maatschappelijk vastgoed, huur boven de liberalisatiegrens en koopwoningen -  moeten dienstbaar zijn aan die kerntaak. Bij de meeste corporaties is dat trouwens ook nu al zo. Overigens biedt ons plan wel ruimte voor verschillen tussen corporaties, bijvoorbeeld in doelgroepen of vormen van dienstverlening. Mits de taken maar in de doelstelling passen. En die staat al in onze statuten.’

 

En hoe nu verder?

‘Wij (vijf corporatiebestuurders, zie kader) hebben dit plan op verschillende plekken geuit en besproken. Er is nu alle aanleiding voor een fundamentele herbezinning op het Nederlandse stelsel van woningcorporaties. Denk aan het eindrapport van de Parlementaire Enquête Commissie en de discussie rond de aanpassing van het wetsvoorstel Herziening woningwet via een ingewikkelde novelle en een besluit vol complexe AMVB’s. De politiek stelt bij kritiek op die wetgeving terecht de wedervraag: hoe moet het dan? Dit is ons antwoord op die vraag. Een antwoord dat in ieder geval vele malen simpeler is.

 

Naast Marc Eggermont onderschrijven ook de volgende corporatiebestuurders dit plan: Peter Boerenfijn (Habion), Eric de Ceuster (Woongoed), Ton Ringersma (Stadlander) en Ad Zopfi (Wassenaarsche Bouwstichting).

 

*Dit artikel is gepubliceerd in Aedes-Magazine.

comments powered by Disqus

Marc Eggermont

Marc Eggermont is ruim 12 jaar algemeen directeur van Woonbedrijf geweest. In deze periode schreef hij regelmatig blogs over de woningmarkt.

close