Met hangen en wurgen wisten het kabinet en oppositiepartijen op 13 februari een woonakkoord te sluiten. Voor de woningcorporaties op het oog een verbetering ten opzichte van wat er in het regeerakkoord was aangekondigd. Liever 1,7 miljard verhuurderheffing afdragen aan Den Haag, dan de oorspronkelijke 2 miljard. En voor huurders geldt: liever een maximale huurprijsstijging van 6,5% dan de voorgenomen 9%. Helaas voor die huurder komt de rekening alsnog volledig op zijn bord terecht.

 

Hogere huur, minder beschikbaarheid en lagere kwaliteit
Dat zit zo. De verhuurderheffing van 1,7 miljard euro is een belasting voor woningcorporaties, maar zal uiteindelijk door de huurders betaald worden. Niet alleen stijgen de huurprijzen boven inflatieniveau; de beschikbaarheid staat onder druk, omdat corporaties niet of nauwelijks nog kunnen investeren. Daarbovenop moeten de corporaties bezuinigen op onderhoud en dienstverlening. Het kabinet zet daartegenover dat corporaties efficiënter kunnen en moeten gaan werken, en daardoor grote besparingen, tot wel 10%, op de bedrijfslasten zullen realiseren. In mijn volgende blog kom ik daar uitgebreider op terug. Tipje van de sluier: als een woningcorporatie verplicht wordt om als administratiekantoor op te treden voor de belastingdienst, dan begrijpt u dat er van besparingen door efficiency niet veel terecht komt.

 

Ook positieve punten
Is er dan niets positiefs te melden over het woonakkoord? Je zou denken van wel. De aangekondigde beperking van de huur tot 4,5% van de WOZ-waarde is van de baan. Het vertrouwde woningwaarderingssysteem (ofwel het puntensysteem) blijft gehandhaafd. Voor corporaties die actief zijn in krimpgebieden, is dat betrekkelijk goed nieuws. Daar daalde de waarde van de woningen de afgelopen jaren immers het sterkst. Zij reageren opgelucht, maar vergeten daarbij dat hiermee alleen de mogelijkheid is hersteld om de verhuurderheffing aan hun klanten door te berekenen. En zelfs dat is nog maar de vraag. Met een paar jaar van extra huurverhogingen in een krimpende markt met dalende woningprijzen, bereik je snel het punt waarop de sociale huurprijs boven de markthuur komt te liggen. Zittende huurders kunnen die prijs niet betalen en bij mutatie zullen nieuwe huurders die prijs niet willen betalen.

 

Pijn niet eerlijk verdeeld
De rekening voor de vastgelopen woningmarkt belandt op het bord van de huurders. En dat blijft schandalig. Eigenaar-bewoners van koopwoningen gaan volgend jaar nauwelijks iets merken in hun portemonnee van de gevolgen van dit woonakkoord. De hypotheekrente-aftrek wordt aangepakt, maar daar ligt niemand serieus wakker van. Het woonakkoord ontziet starters, ook al worden ze gedwongen te sparen om de helft van de woning af te lossen. Maar van sparen is, voor zover ik weet, nog nooit iemand armer geworden. Van huurverhogingen wel.

comments powered by Disqus

Marc Eggermont

Marc Eggermont is ruim 12 jaar algemeen directeur van Woonbedrijf geweest. In deze periode schreef hij regelmatig blogs over de woningmarkt.

close