In mijn vorige blog schreef ik dat regelgeving en beleid vaak een probleem vormen voor de doorstroming op de woningmarkt en overconsumptie in de hand werken. Voor de oplossing moeten we samenwerken. Woningcorporaties, overheden, zorgaanbieders, commerciële projectontwikkelaars hebben hier allemaal een rol in.

 

Ruimte voor eigen woonwensen

Op de eerste plaats moeten we een einde maken aan overbodige regelgeving. Ik pleit voor minder regels en meer ruimte voor individuen om hun eigen woonwensen te vervullen. Het beleid rondom huurharmonisatie en de nieuwe passendheidstoets belemmeren de doorstroming. Ook Woonbedrijf zal kritisch naar haar eigen huisregels moeten kijken. Mijn stelling blijft: elke nieuwe regel gaat ten koste van goed gebruik van wat je hebt.

 

Gezond verstand

Ten tweede roep ik gemeenten op om meer mogelijk te maken en terughoudend te zijn met de huisvestingswet die hen de mogelijkheid geeft om bijzondere doelgroepen met voorrang te huisvesten. Deze wet beperkt de keuzevrijheid voor reguliere woningzoekenden enorm. Ook vraag ik hen om meer flexibiliteit rondom woningsplitsing en -deling en hun gezond verstand te laten spreken als het gaat om de rigide stedenbouwkundige eisen en parkeernormen. Eén parkeerplek voor elke anderhalve student in Eindhoven is niet realistisch.

 

Flexwonen

De bouwsector en (zorg)dienstverleners zou ik willen uitdagen om vaker te kiezen voor modulaire oplossingen. We mogen best een voorbeeld nemen aan het bekende Zweedse woonwarenhuis dat geen specifieke keukens ontwerpt, maar een assortiment biedt waaruit de klant zélf zijn ideale keuken kan samenstellen.

 

Op haar beurt kiest Woonbedrijf ervoor om in de eigen regio nieuwe, makkelijk te realiseren woningen te maken voor tijdelijke bewoning door een- of tweepersoonshuishoudens (bijvoorbeeld studenten, moelanders, jonge starters of kenniswerkers). We noemen dat ‘Flexwonen’ en we zijn ervan overtuigd dat we hiermee de doorstroming op de regionale woningmarkt kunnen stimuleren.

 

Betere aansluiting

Tot slot mogen we commerciële bedrijven niet vergeten, want woningcorporaties moeten niet de illusie hebben dat zij een monopolie hebben op goedkoop bouwen en goedkoop verhuren. Commerciële partijen zouden in hun aanbod en prijsstelling meer kunnen aansluiten op wat de woningcorporaties bieden. Maar ook zij hebben de neiging zich sterk te richten op subsidieregelingen en heffingen. Hun studentenhuisvesting wordt zelfs geadverteerd met prijzen onder aftrek van huurtoeslag! De verhuurdersheffing vormt bovendien een rem op het bouwen voor de middeninkomens door commerciële verhuurders.

 

De economische regel dat innovatie leidt tot een steeds beter product tegen een steeds lagere prijs, stopt bij €710, omdat de verhuurder beneden dat bedrag minstens een maandhuur per jaar kwijt is aan de verhuurdersheffing. Terwijl €710 voor veel van de middeninkomens, zonder huurtoeslag, nog een flinke prijs is. Regelgeving vormt hier een belemmering voor de zo wenselijke aansluiting tussen de sociale en commerciële huurmarkt.

 

Goede wil

Al met al voldoende stof tot nadenken. Laten we onze blik verruimen en over sectorgrenzen heen kijken. Samen kunnen we onnodige regelgeving en krampachtig beleid effectief te lijf gaan. Ik voel dat de juiste mensen en de goede wil er echt wel zijn. Om Joris Luyendijk maar eens te citeren: “Je hebt geen slechte mensen nodig om een systeem slecht te laten presteren.”

comments powered by Disqus

Marc Eggermont

Marc Eggermont is ruim 12 jaar algemeen directeur van Woonbedrijf geweest. In deze periode schreef hij regelmatig blogs over de woningmarkt.

close